Jurançon. De Sud-Ouest.
Aan de voet van de strenge en harde Pyreneeën glooien de heuvels zacht en lieflijk.
Weiden en bosperceeltjes, landbouw en veeteelt delen het landschap met hellingen vol wijnstokken. Hier en daar een boerderijcomplex of een kerkje, traditioneel opgetrokken uit natuursteen en met leien dak.
In de herfstzon kleuren de druiven goudgeel, in harmonie met de kleuren van het woud en het graan.
Vanaf de wijngaarden heb je steeds zicht op de imposante bergketen van de Pyreneeën aan de horizon. Een warme wind waait door de druivenranken, en droogt de regen van eerder op.

Het mag duidelijk zijn: de wijnstreek Jurançon is in meer dan één aspect opmerkelijk.
De streek staat onder invloed van verschillende klimaatfactoren. De druivensoorten die hier groeien komen amper elders ter wereld voor. De late oogst, het indrogen van de druiven aan de wijnstok, de combinatie van hoog suikergehalte met hoge aciditeit maakt dat de geproduceerde wijnen hier een uniek karakter krijgen.

Bron: http://www.vins-jurancon.fr/

Even de feiten op een rijtje:

Jurançon is een AOC van de “Sud-Ouest”: het zuidwesten van Frankrijk.
Het is een oude appellatie, een van de eerste AOC’s in Frankrijk, en al sinds 1936 erkend voor de productie van zoete witte wijn.
In 1975 kreeg men de AOC voor Jurançon Sec. De vermelding “vendanges tardives” mag sinds 1995 toegevoegd worden.

In oppervlakte eerder klein, met amper 1200 ha wijngaard, is Jurançon goed voor een productie van zo’n 47000 hl wijn per jaar. 70 % van de productie is Jurançon moelleux, 30% Jurançon sec.

De belangrijkste druivenrassen zijn Petit Manseng en Gros Manseng, die samen meer dan 90% van de aanplant uitmaken. Andere toegelaten druiven zijn Courbu blanc, Petit Courbu, Camaralet de Masseube en Lauzet.
De beide Manseng druiven (het zijn geen familieleden, ondanks de gelijkende naam) hebben een dikke schil, die bestand is tegen grijsrot (pourriture grise) en pourriture noble (Botrytis). Daardoor kan men de druiven lang laten hangen en laten indrogen aan de stam (passerillage sur souche).

Petit Manseng heeft kleine druifjes, is heel resistent tegen rot, en kan dus lang hangen en hoge suikergehaltes bereiken zonder aangetast te worden. Tegelijk behoudt de druif een hoge aciditeit.
Gros Manseng is eveneens vrij resistent tegen rot. Ook deze druif behoudt, zelfs overrijp, een hoge aciditeit, maar zal zelden zo’n hoog suikergehalte bereiken als de Petit Manseng.
Courbu blanc wordt af en toe mee gebruikt in de assemblage, hoewel de druif vroeg rijp is, en wel gevoelig is aan grijsrot. De oogst en het wijnmaakproces wordt er gecompliceerder door.
Camaralet de Masseube en Lauzet vindt men nog maar zelden.

Voor de oogst van Jurançon sec mag één plukgang volstaan. Voor Jurançon moelleux zijn minstens twee tris verplicht, en de oogst gebeurt voor beide wijnen manueel.

De wijnstreek ligt aan de noordelijke voet van de Pyreneeën, net ten zuiden en ten westen van de stad Pau, waar het landschap heuvelachtig is.
De wijngaarden liggen erg versnipperd in een landschap van traditionele polycultuur met bossen, velden en landbouwgronden. Door hun hoge ligging op de toppen van de heuvels en tegen de steilste hellingen bepalen ze wel het uitzicht van de streek.
Geologisch kan men de ondergrond opsplitsen in drie sectoren:
– het noordoosten wordt bepaald door de Poudinge de Jurançon, een conglomeraat van kalksteenkiezels en kiezelhoudende klei, dat onstond tijdens de vorming van Pyreneeën;
– in het zuiden domineert Flysch, een sedimentair gesteente met afwisselend harde lagen (zandsteen of kalk) en zachtere lagen (klei of zand), ontstaan uit mariene afzetting gedeponeerd voor en tijdens de vorming van de Pyreneeën
– in het westen is de bodem veel meer gedifferentieerd, met Poudinge, Flysch, hoge gesteentelagen met kiezels en vooral molasse, een zacht gesteente van kalk en zand met organisch materiaal.

Het klimaat wordt bepaald door enkele uiteenlopende invloeden.
Er is enerzijds de nabijheid van de Pyreneeën, die een streng bergklimaat veroorzaken, voornamelijk vroeg in het voorjaar (vorst in het voorjaar). De nabijheid van de Atlantische oceaan zorgt voor een milderende factor, en brengt regen. En we zijn tenslotte in het Zuiden, waardoor de zomers warm kunnen worden, met de typische warme nazomer, de été indien.
De streek kent een hoge jaarlijkse neerslag (1200 mm), verdeeld over heel het jaar, zonder droge periode. Zonneschijn is gemiddeld (1900 uur/jaar), maar de warme en droge zuidenwind (Foehn, Föhn) waait gemiddeld 1 op 3 dagen in de lente en de herfst.
Het belang hiervan mag niet onderschat worden: de lucht wordt er door gedroogd, de wind zorgt voor goede ventilatie tussen de wijnstokken, de temperatuur stijgt en de wolken worden verdreven waardoor er meer zoninval is.

De specifieke geomorfologie van de regio, met steile hellingen en de zuidelijke expositie, samen met het klimaat (warmte, zonneschijn, goede waterhuishouding in de wijngaard) bevorderen het rijpingsproces van de druif tot in het stadium van de “surmaturisation”: de druiven worden overrijp. Zowel de Gros Manseng maar vooral de Petit Manseng zijn laatrijpende soorten, en zijn aangepast aan het plaatselijke klimaat door hun dikke schil. Ze vertonen ook een goede weerstand tegen grijsrot en edele rot zijn daardoor geschikt om op een gezonde manier tot overrijpheid te komen. De warme zuidenwind die in de herfst warme en droge lucht meebrengt draagt hier in grote mate toe bij.

De wijnbouwers stimuleren deze condities nog door de druiven heel laat te oogsten. De druiven beginnen daardoor aan de stok in te drogen en te verschrompelen, waardoor het hoge suikergehalte nog toeneemt en de aciditeit van de druif bewaard blijft. “Passerillage sur souche” is dan ook een gangbare techniek hier om druiven te oogsten die voor de grote zoete wijnen bestemd zijn.
De wetgeving verplicht ook een manuele oogst in meerdere oogstgangen voor de zoete wijnen (niet voor de productie van Jurançon sec).

De rijpheid van de druiven is ook bij wet bepaald: voor Jurançon is een suikergehalte in de most vereist van minimaal 247 g/l voor de Petit Manseng en 230 g / l voor de andere soorten. Voor Jurançon sec is het gehalte bepaald op 187 g/l. Voor wijnen met vermelding “vendanges tardives” moeten de druiven minstens 281 g/l suiker in de most bevatten.

De degustatie

Op een warme zondagnamiddag eind mei schoven we met tien aan aan de proeftafel bij Stefaan Soenen. Al menig memorabel moment mocht ik meemaken aan deze grote proeftafel.
Voor deze themadegustatie over Jurançon is Stefaan ruim een jaar bezig geweest om relevante wijnen te verzamelen.
Opvallend: geen van de aanwezige proevers verklaarde zich vertrouwd met de wijnen van Jurançon. Onterecht, bleek achteraf: de wijnen waren van hoog niveau, en het kennen meer dan waard.

Zes droge en zeven zoete wijnen zullen de revue passeren. Niet alle wijnen zijn Jurançon: in de buurt ligt Madiran, waar men ook witte wijnen maakt van beide Manseng-druiven, en onder de appellation Pacherenc du Vic Bilh op de markt komt.

De wijnen komen blind op tafel, iets onder de ideale drinktemperatuur, maar door het warme weer komt dat in het glas snel goed.

De droge wijnen

1- Laffitte-Teston Cuvée Ericka 2014 – Pacherenc du Vic Bilh.
70% Petit Manseng, 20% Gros Manseng, 10% Petit Courbu.
Mooie kleur, brons-goudgeel fonkelend.
Ingetogen en bedeesd, licht oxidatief in de neus, gedroogd geel fruit, honing, druivig. Pompelmoes, zeste van sinaas, harsig en nootjes.
In de aanzet licht zoet, kruidig met een honingtoets. Peperig en groene kruiden. Goed omkaderende aciditeit.
Wat uitdrogend naar het einde toe, lichte tanninegevoel.
Een “opgevoede” wijn, houtgerijpt, met het fruit op de achtergrond, elegant met een stevige zuurstructuur.

2- Lapeyre 2013 – Jurançon sec
100% Gros Manseng
Donker goudgeel.
Floraal, bloemenwei, paardenbloem, bloemenhoning. Kweepeer en abrikoos. Later ook citrus en agrume.
Minerale aanzet met rijp fruit, stevige (tannine)bitters en zuurtjes. Gefocust met structuur en gelaagdheid. Ziltigheid.
Licht drogend in afdronk, met pompelmoesbitters en zuivere aciditeit.
Rond de tafel spreekt men van een “funky”rock’n roll wijn.

3- Camin Larredya “Le part davant ” 2014 – Jurançon sec
50% Gros Manseng, 35% Petit Manseng, verder Petit Courbu en Camaralet, deels op inox en deels op eik.
Intense goudgele kleur.
Etherische neus, apothekerskastje, okkernoot. Kruidig, naar het fruit moet gezocht worden.
Eenvoudig in aanzet, bescheiden rijp geel fruit, minder elegant. Veel hout en te weinig vulling. 
De wijn zit (nog?) hoekig in elkaar. Weinig enthousiasme over deze wijn.

4- Lapeyre “Vitatge Vielh” 2011 – Jurançon sec
50% Gros Manseng, 40% Petit Manseng, 10% Petit Courbu. Fermentatie op hout en nog 1 jaar op droesem in foeders.
Licht goudgeel, gekleurde rand, concentratie.
Vineuze neus met evolutieve toets. Rokerigheid. Honing, konfijt en sinaas. Hier is fruit voldoende aanwezig, wel rijp, gedroogd en geëvolueerd.
Boeiend en mooi in de neus.
Krachtige en droge aanzet, stevige wijn met veel materie en korreligheid. Rijp gedroogd fruit, tannines. Na opwarmen meer zeste en romigheid.
Stevige structuur, verfijnde frisse zuren.
Lange afdronk met gekonfijte indrukken en goede zuurstructuur. Grote wijn.

5- Clos Lapeyre “Cuvée Vitatge Vielh” 1999 – Jurançon sec
60% Gros Manseng, 30% Petit Manseng, 10% Petit Courbu. Fermentatie op hout en nog 1 jaar op droesem in foeders. Botteling na 2 winters.
Geconcentreerde oranjegele kleur, verkleuring naar amber.
Oxidatief, nootjes, honing, sherry, ziltigheid. Potpourri van gedroogde sinaasschillen, dadels, vijgen, caramel. Fijn en heel zuiver.
Evolutief maar zuiver en fris mondgevoel, met een sherry-toets en ziltigheid. Frisse zuren tillen de wijn op. Elegant, gebalanceerd en lichtvoetig.
Lang in de mond, fijn, complex en groot. Lange fijne afdronk.
Kortom: het mag duidelijk zijn dat hier gesnuffeld, geproefd en genoten werd. Stefaan spreekt van een Vin de Paille in (gort)droog, héél bijzonder.

6- Domaine Larredya 2000 – Jurançon sec
Amberkleurig, iets lichter dan voorgaande.
Ingehouden, ziltig en minerale neus. Licht oxidatief, sinaasappelmarmelade, honing, grasveld. Kruidig (kardemom).
Rijp mondgevoel in een natuurlijke stijl. Lichtvoetig met aciditeit, veel finesse maar iets minder materie dan vorige wijn. Speels, fijn en complex.
Lange afdronk, strak, met romige impressies en fijne zuurstructuur. 
Ongrijpbare, avontuurlijke wijn. Boeiend!

De zoete wijnen

7- Lafitte 2013 – Jurançon
Kurk…

8- Clos Lapeyre 2014 – Jurançon
60% Gros Manseng met de eerste trie van Petit Manseng (40%). 70 g/l restzoet.
Licht goudgeel met wat evolutie. Rijpe sinaas, ananas en citroen. Rechtlijning en wat eenvoudig., zowel in de neus als in de mond.
Bescheiden aciditeit, die los staat van het zoete. Eerder banale en monotone wijn.

9- Clos Lapeyre 2012 – Jurançon
Zelfde wijn als vorige, maar 2 jaar ouder.
Goudkleurig met concentratie tot aan de rand.
Sinaas, gedroogd fruit, zoet kruiden, honing, ananas, mineraal.
Sappig en zoet in aanzet met goede aciditeit en pikante kruidigheid. Structuur en elegantie met goede spanning.
Afdronk met kruidigheid onder het zoete en de zuurstructuur. Mooi gemaakte wijn.

Een vreemd verschillend duo, waarbij de 2014 wellicht nooit het niveau van de 2012 zal halen. Moeilijk ergens anders aan zo’n prijs (14 à 15 €) zulke friszoete wijn als deze instap Lapeyre 2012 te vinden.

10- Domaine Cauhapé “Ballet d’ Octobre” 2013 – Jurançon
70 % Gros Manseng et 30 % Petit Manseng.
Bijna fluorescerend citroengeel.
Reductieve neus eerst: ei, solfer. Nadien eik en hout, en marsepein.
Romig en fris in aanzet, maar zit wat hoekig in elkaar nu. Mist momenteel wat elegantie, blijft hoekig.
In afdronk tannines merkbaar, materie, maar wat plakkerige suiker.
De wijn is nog on-af en niet versmolten. Er zit veel in maar is momenteel waarschijnlijk te jong en moet zich nog vormen. Toch potentie voor de toekomst.

11- Domaine Bellegarde “Cuvée Thibault” 2000 – Jurançon
100% Petit Manseng, late oogst na passerillage, opgevoed op barriques.
Amberkleurig, oranjegeel, met concentratie.
Rozijnen en nootjes, boenwas, marsepein, karamel, bruine suiker. 
Oxidatief zoals een oloroso.
Frivool diep en complex in de mond, met rozijntjes, koffie, karamel en nootjes. Zoet en niet-zoet tegelijk. 
Het restzoet is geïntegreerd en nog amper merkbaar.
Speels en dens en elegant.
Heerlijke wijn, met grote lengte in afdronk.

12- Laffitte-Teston 1999 – Pacherenc du Vic Bilh
100% Petit Manseng op nieuwe eik.
Donker okergeel tot oranje.
Nootjes, pinda’s, harsig en turfig. Licht oxidatief, ziltig, doet aan de oceaan denken. Opgelegde citroen en zeste na opwarmen.
Rijp in de mond, maar blijft wat plakkerig zonder veel spanning. 
Overrijp fruit en stoffigheid. 
Interessante wijn in de neus, maar dat komt niet tot uiting in de mond, waardoor het geheel toch wat tegen valt.

13- Domaine Camin Larredya “Cuvée François” 1995 – Jurançon
100% Petit Manseng, van de tweede oogstgang, 100 g/l restsuiker en 7 g/l aciditeit.
Oranjegeel.
Complexe reductieve neus met volatiele zuren, prikkelend. Aards en truffel. 
Door de hoge zuren moeilijk te beoordelen. Zure ananas, exotisch fruit, wat hard.
Apart karakter, ook in afdronk, met ziltigheid en pepertje.
Stefaan laat de volgende dag weten dat deze wijn “…op dag twee tot winnaar uitgeroepen wordt door zijn uiterst complexe aroma’s van champignon, onderhout, iets gerookt à la cognac, honing, zoute nootjes, karamel, kruidig-peperig, geweldig (gisteren iets meer vluchtig)

Conclusie:
we proefden een reeks wijnen die zowel in droog als in zoet met weinig te vergelijken zijn. En datkan alleen maar toegejuicht worden.
De betere wijnen vertonen karakter, hebben diepgang met veel elegantie, met de kenmerkende tannine in afdronk.

Wie beter dan Stefaan Soenen mag het laatste woord:
Jurançon droog: jazeker! En de eikgerijpte versies (blends Gros & Petit Manseng, met overwicht Gros) rijpen prachtig! Typisch: prachtige zuren, beetje tanninekorrel met bittertje, associaties met Amontillado (droge vijg-dadel) en Madeira (zuren!), maar zonder de compacte penetrante aroma’s… De gerijpte zoete wijnen op 100% Petit Manseng en eikgerijpt, geoogst november/december in tweede of derde trie: magnifiek! Vin de Paille uit de Jura, in zijn friste vorm, benadert voor mij dit smaaktype. Interessant, want helemaal anders gemaakt: vroeg geplukt en gedroogd (Jura) in plaats van laat geoogst en gedroogd aan de stok (Jurançon).
En Stefaan eindigt met deze goede raad: “Nu naar de winkel en Jurançon kopen! Wat een uiterst originele wijnstreek is me dat! In wit vind je er alles aan aantrekkelijke prijzen. Belangrijk: wil je grote wijn, dan moet je ze jaren wegleggen in je kelder. Echt de moeite om daaraan te beginnen. Een jaar of 3-5 rijping maakt al een mooi verschil.

 

Bronnen:

https://www.commanderijmolenberg.be/main/pdf/Jurancon.pdf
https://info.agriculture.gouv.fr/gedei/site/bo-agri/document_administratif-acde35d1-4b35-46b2-8632-c2e7e07405a4/telechargement
https://fr.m.wikipedia.org/wiki/Jurançon_(AOC)
http://www.hachette-vins.com/tout-sur-le-vin/appellations-vins/304/jurancon
http://wijntips.skynetblogs.be/apps/m/archive/2008/09/13/jurancon-de-zoete-pyreneeenwijn.html
http://avis-vin.lefigaro.fr/connaitre-deguster/tout-savoir-sur-le-vin/guide-des-regions-et-des-appellations/sud-ouest/piemont-pyreneen/appellation-jurancon
http://www.vins-jurancon.fr/

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.