Een reeks artikels over champagne. December is tenslotte feestmaand, en dan mag er als een een feestelijke fles open.
Na de inleiding en een verslagje van de Masterclass Champagne door Kristel Balcaen graaf ik me nog wat dieper in in het onderwerp.

Allereerst ben ik te rade gegaan bij de onvolprezen wijnblog van Keith Edwards: “Wine – Mise en abyme“, waar dikwijls diepgravende en goed gestoffeerde artikels over diverse aspecten van de wijnwereld gepubliceerd worden. De blog van Edwards bevat zo’n schat aan informatie dat een overzicht maken bijna onbegonnen werk is. In de loop van dit jaar alleen al schreef hij 16 gedetailleerde artikels over de regio Champagne.

In het voorjaar belichtte Keith enkele “Great Growers“: topproducenten die in het boek van Robert WaltersBursting Bubbles – A Secret History of Champagne and the Rise of the Great Growers” werden geïdentificeerd en geselecteerd. Ze stellen zich tot doel om champagnes te produceren die het terroir weerspiegelen. Dit in tegenstelling tot de meeste commerciële champagnes, waarbij veel van het aroma, de smaak en de textuur van de wijn eerder uit het wijnbereidingsproces dan uit de druiven zelf afkomstig is.
De lijst van producenten die Walters selecteert is indrukwekkend:  Agrapart et fils, Jacques Selosse, Larmandier-Bernier, Ulysse Collin, Jacques Lassaigne, La Closerie (Jérôme Prévost), Chartogne-Taillet, Egly-Ouriet, Vouette et Sorbee (Bernard Gautherot), en Roses de Jeanne (Cédric Bouchard).
De “Grower champagne” beweging is momenteel aan de tweede generatie toe, maar in de jaren ’70 en ’80 van de vorige eeuw was het concept van kleine, ambachtelijke, zelf bottelende producenten in Champagne een radicaal nieuw gegeven.

© https://mowse.blogspot.com/2018/10/great-growers-locating-finest-artisanal.html

De meest tot de verbeelding sprekende producent is Anselme Selosse. De protégés van Selosse worden op bovenstaande kaart in een kleurtje weergegeven, wat aangeeft hoe invloedrijk Selosse is.
Waarschijnlijk staat Anselme Selosse, die in 1980 het bedrijf van zijn vader Jacques Selosse overnam, aan de wieg van de “Grower revolution”, zoals Walters dat noemt in zijn boek. De champagnes die Selosse vervaardigde choqueerden de wijnwereld. Biodynamische wijnbouw, zeer beperkte opbrengsten, oude wijnstokken, optimale rijpheid vinificatie in eikenhouten vaten, batonnage: het was in die tijd revolutionair. Autochtone gisten voor zowel de eerste gisting als de tweede gisting op fles: nooit had iemand dat aangedurfd.

Criticasters veroordelen de champagnes van Selosse als te oxidatief, overrijp, met te veel hout.
Tom Stevenson is hard in zijn artikel over Selosse. Volgens Stevenson zijn de wijnen “te oxidatief”, hebben “te veel aldehyde” en “te veel eik”, met een gebrek aan frisheid, finesse en levendigheid. Het oxidatieve karakter wordt veroorzaakt, schrijft hij, door lange vatveroudering en een laagzwavelig regime. Stevenson noemt Selosse als een van de vijf meest overgewaardeerde champagneproducenten. Hij veronderstelt dat een Selosse champagne, blind geproefd, teruggestuurd wordt als een foutieve wijn.
Anselme Selosse zelf krijgt van Stevenson ook een mooi visitekaartje mee: “hij is absoluut excentriek, onmiskenbaar charismatisch, openlijk eigenwijs, en niet een beetje geobsedeerd, met de neiging om à la Deiss te filosoferen over zelfs de eenvoudigste vraag…“.

Tim Hall schrijft in zijn uitstekende artikel op scalawine.com milder over Selosse.
En de wijnen? Karakteristiek is zeker het woord, maar ik heb er geen moeite mee om ze ‘oaky’ te noemen, wat voor veel commentatoren een taboewoord lijkt te zijn. Ze geven de voorkeur aan een reeks vagere termen zoals “diepte”, “complexiteit” en “rijkdom” of “oxidatieve stijl”.  Dat is allemaal waar, maar de wijnen zijn voortreffelijk vanwege hun aanlokkelijke zweem en vinositeit in combinatie met wat ik alleen een prachtige finesse van mousse kan noemen: het intense maar delicate mondgevoel van de belletjes. De mate waarin het hout de wijnen markeert met een pittig en gepolijst karakter is vrijwel uniek in Champagne. Dit wil niet zeggen dat het hout niet geïntegreerd is; in het algemeen zijn de wijnen door hun concentratie bestand tegen het hout.

Op Tomas’s Wine Blog komt de schrijver tot een interessante conclusie na een vergelijkende proeverij tussen Jacquesson en Selosse champagnes.
Voor mij was deze proeverij een heel duidelijke demonstratie van iets waar extreme ‘terroiristen’ het liefst over zwijgen: het grote belang en invloed van de wijnmaker en de keuzes bij de bewerking van de wijngaard. Door de hele proeverij was het enorme stilistische verschil tussen de wijnen van Jacquesson en Selosse het meest opvallende. Dit stilistische verschil was sterker dan de verschillen door herkomst, variëteit of vintage.
Ik zou eerder willen zeggen dat deze wijnen laten zien wat je van Champagne kunt verwachten als een goede producent een wijn maakt van een goede wijngaard: je krijgt een echt goede wijn die duidelijk wordt gekenmerkt door de stijl van de producent, naast de druivenrassen en de herkomst ervan.

© http://madwine.blogspot.com/2010/01/nv-jacques-selosse-initiale-champagne.html

Een overzicht van de geproduceerde cuvées van Selosse vind je in de samenvattende tabel bij Keith Edwards.
De champagnes van Jacques Selosse worden in België verdeeld door Boutelegier. Duur en exclusief.
In Nederland onder andere bij L’Atelier du Champagne en bij Pasteuning.

Zelf kon ik ooit eens een fenomenale Selosse Initiale Grand Cru Blanc de Blancs Brut proeven. Ik schreef toen: “De instapchampagne van deze cult wijnmaker. Stond al jaren op mijn wishlist. Maakte alle verwachtingen meer dan waar.“.

Bronnen:
Wine – Mise en abyme
Tomas’s Wine blog
Scalawine.com
World of Fine Wine

Advertenties

2 gedachten over “Themamaand Champagne – deel 3: “Great Growers” en Domaine Jacques Selosse

  1. Hey Marc, fijne reeks over champagne. Deze “Great growers” hebben klinkende namen, maar in twee recente proeverijen bleken Larmandier-Bernier (VvdR – mei 2018 in Bergheim) en Lassaigne (Wino’s – juni 2016) weinig enthousiasme los te weken bij de aanwezigen. Des gouts et des couleurs? (Sélosse heb ik nog niet mogen beleven.)

    Like

    1. Ha, was dat Larmandier-Bernier in Bergheim? Ik heb daar niks van genoteerd toen. Was die champagne toen niet wat vermoeid, mogelijk een fles die te lang kelder had gehad? Ik was in elk geval ook niet heel enthousiast, weet ik nog. Heerlijk weekend wel…
      Lassaigne nog nooit geproefd. Veel te weinig champagne geproefd tout court eigenlijk. Laat eens weten als je nog eens naar daar gaat, dan mag je weer wat meebrengen.
      Alvast de beste wensen, Bert!

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.